Drie maanden later

‘Natuurlijk snap ik dat, Donna. Jij bent de enige die voelt wat de juiste beslissing is. Ik zeg alleen dat ik het zonde zou vinden. Het is een mooie kans, een hele mooie kans.’
Het is vrijdagmiddag en ik zit met Sophie op het terras. Het is begin juni en dit is een van de eerste keren dat ik weer iets buiten de deur doe.
Ik durfde een hele tijd niet naar buiten. Ik was bang dat mensen me vragen gingen stellen. Dat ze me zielig vonden. Dat ik een soort attractie zou zijn. De eerste weken heb ik ook niet gewerkt. Ik kon het gewoon niet. Ik heb twee weken bij mijn ouders geslapen. Na twee weken ben ik weer naar mijn eigen appartement gegaan. Ik droomde elke nacht over Floris en werd iedere ochtend huilend wakker.
Ik mis hem vreselijk. Het voelt alsof er een gat in mijn hart zit. Een heel groot gat. Elke dag denk ik aan hem. Ik voel wel dat het langzaam, heel langzaam, steeds iets beter met me gaat.

Mijn leven is de afgelopen drie maanden een rollercoaster geweest. Dat is het nog steeds eigenlijk.
De begrafenis van Floris was zo verdrietig. Maar het was ook mooi, voor zover begrafenissen mooi kunnen zijn.
Er waren zoveel mensen. Vrienden, collega’s, kennissen, teamgenoten. Allemaal met hun eigen verhalen over Floris. Ik wist wel dat Floris geliefd was, maar dat hij zoveel mensen kende dat verbaasde zelfs mij.
Floris heeft een tijdje in Engeland gestudeerd, zelfs zijn vrienden van daar waren gekomen. Ik vond het ZO lief. Het was fijn om te horen hoe zij zich hem herinnerden.
De dag nadat Floris was overleden, hebben we met zijn ouders de begrafenis voorbereid. Mijn ouders en Sophie waren er ook bij, ik kon het niet alleen.
De grote afwezige in dit verhaal was Anne-Fleur. Ze was er een half uurtje bij en moest daarna trainen.
Marjan zei dat het haar manier van afleiding was, maar ik vond het belachelijk. Je gaat toch niet trainen als je broer de dag ervoor is overleden. Ik ben er heel boos over geweest. Nog steeds eigenlijk. Ik vind het een egoïstisch en achterbaks kreng en ben blij dat ik haar niet meer hoef te zien.

Met Floris’ en mijn ouders hebben we een film gemaakt met allemaal foto’s en video’s uit Floris’ leven.
Floris was gek op fotograferen. Hij had echt duizenden foto’s op zijn telefoon staan. Ik ben zo blij dat we zijn telefoon nog hebben gekregen.
Floris’ telefoon was tijdens het ongeluk uit zijn auto geslingerd en is daar een dag later gevonden door een voorbijganger. Die meneer had het laatst gebelde nummer gebeld, en dat was ik.

Sophie en ik zitten al een tijdje op het terras en we hebben het over Talents!
Ik heb daar de laatste maanden absoluut geen seconde meer aan gedacht maar Sophie zou Sophie niet zijn als ze de datum van de auditie in haar eigen agenda had gezet.
’18 juni, dat is over 2 weken, Soof. Ik denk niet dat ik dat kan. Ik denk ook niet dat ik het wil.’
‘Oke. Nou ja, als je maar weet dat ik vind dat je het wel moet doen. Maar dat ik sowieso achter je sta. Wat je ook gaat doen. Ik begrijp dat je echt in een rotperiode zit en dat de timing ruk is. Maar misschien is dit juist iets wat je afleiding kan geven.’

De ober komt naar ons tafeltje: ‘Nog een flesje wijn dames?’
Sophie bestelt nog een flesje Chardonnay en wat nachos en knijpt dan lachend in mijn arm. ‘Nou Don, die ziet jou wel zitten. Zag je die knipoog toen hij weg liep?’
‘Nee Sophie, dat zag ik niet en dat hoef ik ook niet te zien. Ik heb totaal geen behoefte aan mannen op dit moment.’
Ik denk oprecht dat ik de rest van mijn leven alleen blijf. En daar heb ik ook eigenlijk wel vrede mee.
‘Ik ga even naar het toilet. Zo terug’.
Ik schuif mijn stoel naar achter en loop naar de damestoiletten.
Als ik mijn handen aan het wassen ben, hoor ik de deur achter mij open gaan. Ik voel dat er iemand naar me kijkt.
‘Nee! Donna? Donna van Leeuwen?!’

Wil jij een seintje wanneer het volgende deel online staat?
Schrijf je hier in voor Donna’s Update en je wordt als eerste op de hoogte gehouden wanneer er een nieuw deel online staat!